Wat als jouw partner zijn tweelingziel ontmoet?

Tweelingzielen (1)Verschillende mensen hebben mij gecontacteerd met de vraag wat te doen als de tweelingzielontmoeting er komt wanneer iemand in een relatie zit.
Zowel de twin die een partner heeft, als de partner wiens levensgezel zijn/haar twin ontmoet, worden geconfronteerd met extra moeilijkheden en druk.

Ik vind het zelf een heel moeilijk iets om hier over te schrijven. Het kan een proces zijn dat heel veel pijn meebrengt voor mensen.

En het lijkt alsof ik richtlijnen moet geven terwijl dat onmogelijk is. Ondanks de herkenning die er is, blijkt ook telkens dat elk verhaal anders is.

Ik schrijf hier toch enkele overpeinzingen neer die ik in de vele gesprekken opmerkte.

Heb jij je tweelingziel ontmoet? Dan wordt de partner willens nillens betrokken in een proces van ontwikkeling van jouw persoonlijkheid.
In principe betekent dit dat je persoonlijkheid openbloeit, dat je je talenten kunt openvouwen, dat je liefdevoller, zekerder, en minder gefrustreerd door het leven zal gaan…Je wordt dus je “betere ik” dus kan die partner het in feite alleen maar toejuigen.
Maar het is natuurlijk ook voor de partner een moeilijk proces, door alle onzekerheid die er rond hangt.

De tweelingzielrelatie op zich kan nooit een andere relatie stukmaken, het is immers het beste voor joù dat uit de bus moet komen.

Veel tweelingzielen blijken uiteindelijk ook geen blijvende relatie tot stand te brengen.

Ik vermoed echter dat sommige keren de relatie met je huidige partner tòch niet zal standhouden, namelijk wanneer je persoonlijkheid dermate evolueert dat de partner niet kan volgen.
Dwz wanneer het een partner betreft die eigenlijk niet paste bij jou, omdat de relatie tot stand is gekomen wanneer je helemaal niet jezelf was, en die partner eigenlijk aangetrokken was tot jouw verkeerde, slechts ogenschijnlijke eigenschappen en manier van zijn.
Dus is die partner eigenlijk verliefd geworden op een persoon die in werkelijkheid niet bestaat, een persoon die jij had gecreëerd om mee naar voor te komen, een soort masker die je had opgezet om jezelf te tonen aan die partner, gebaseerd op verkeerd aangeleerde manieren om door het leven te gaan en met frustraties om te gaan.

Soms zal het dan ook voor de partner lijken alsof die jou niet meer herkent, en zal hij/zij zich niet meer kunnen verzoenen met je werkelijke “betere ik”, je werkelijke waardevolle persoonlijkheid zoals die is.
Je kunt bijvoorbeeld mondiger worden, en niet meer zoveel over je laten gaan.

Sommigen zullen de veranderingen die zich voltrekken niet aankunnen of zelfs soms niet wensen.
In dat geval is het goed te proberen op een liefdevolle manier afscheid te nemen van deze partner.

Sommige partners zullen waarschijnlijk ook zelf de stap tot een breuk van de relatie zetten, omdat zij je “nieuwe ik” niet kunnen begrijpen en niet zullen aanvaarden.
In dat geval zal een beter passende partner sowieso op jouw pad komen.

 

Voor veel mensen zal dit allemaal niet zo leuk zijn om te horen.

Voor de partner die echter reeds aangetrokken was tot jouw werkelijke, diepverscholen ik, een partner die door het opgetrokken gordijn van afweer heen kon kijken, voor deze partner breekt eveneens een betere relatie aan wanneer de woelige periode van strijd om de verkeerd aangeleerde systemen af te breken, voorbij is.

Je zou dus ook kunnen stellen dat, als jij de partner bent van iemand die zijn/haar twin ontmoet, dat je dan ook moet vertrouwen op het proces en je angst voor de veranderingen moet leren overwinnen. Ook voor jou zal een “betere partner” uit de bus komen.
Je hebt veel kans dat jouw huidige partner zal openbloeien en dat jullie relatie veel steviger en harmonieuzer zal worden.

Het kan een uitnodiging voor jou worden om ook mee te evolueren en ook beter in je vel te zitten.

Ofwel zal blijken dat jullie minder bij elkaar passen en zullen jullie op een serene manier kunnen uit elkaar gaan. Dan ligt ook voor jou de weg open naar een betere relatie met een andere partner.

Jouw huidige partner heeft immers door het herbeleven van een hechtingsproces met zijn/haar tweelingziel zijn/haar “ware ik” gevonden.

Er is een gulden regel : Goed gehecht zijn betekent gemakkelijk kunnen loslaten. , namelijk op een goede, correcte manier elkaar kunnen vrij laten. Zowel krampachtig “vasthouden” als “wegvluchten” zijn tekenen van verkeerde hechting.
“Gehecht zijn” en “kunnen loslaten” horen paradoxaal genoeg bij elkaar.

Heb jij ervaring op dat vlak, heb jij een twin terwijl je in relatie bent (of was), of ben jij een partner van iemand met een tweelingziel, laat dan gerust jouw commentaar of jouw raadgevingen achter in het vak hieronder. Alle hulp is welkom !

 

Hoe zit het dan met een tweelingziel?

VII

Gebaseerd op de hechtingstheorie van John Bowlby, heb je in de vorige hoofdstukjes kunnen lezen hoe wij mensen ervaren, hoe een verkeerde hechting zich kan uiten, hoe onze persoonlijkheid evolueert en hoe anderen angst kunnen triggeren. Het leert ons hoe wij, emotionele wezens zijnde, en dan nog hoofdzakelijk angstige wezens, onze persoonlijkheid ontwikkelen en nood hebben aan zogenaamde zielsverwanten.
Zielsverwanten kunnen een absolute verbetering meebrengen in je leven en een verrijking zijn voor jou op diverse vlakken. Ze kunnen jouw leven veel gelukkiger maken en jouw zelfvertrouwen een boost geven, waardoor het heel nuttig is dergelijke mensen te zoeken en je er mee te omringen.

Maar soms doet er zich nog een heel ander fenomeen voor.
Sommigen ontmoeten een hele speciale persoon. Het is een bijzondere ontmoeting die hen overkomt op een speciaal moment in hun leven.212-2646%20tweelingzielen
Er zijn dingen gebeurd die hen erg doen twijfelen aan henzelf, ze zitten op een dieptepunt, ze voelen zich voor de zoveelste keer afgewezen, ze hebben te veel mislukkingen meegemaakt, enz. …en hun afweersystemen en methoden om frustraties te verwerken, wat men ook copingsystemen noemt, lijken in duigen te vallen.
Hun ego is niet meer afgeschermd en is als het ware aangetast. Ze hebben zich al vaak proberen aanpassen, hebben zichzelf al helemaal in bochten gewrongen zodat ze als het ware niet meer weten wie ze zijn, hoe ze zijn. Ze lijken zichzelf kwijt.
Op dat moment is hun persoonlijkheid heel erg kwetsbaar. Ze komt als het ware bloot te liggen, zonder coping-mogelijkheden. Hun manier van “zijn” wankelt…
en dan ontmoeten zij die bijzondere persoon waarin zij zodanig veel stukken van zichzelf herkennen, dat het bijna overkomt alsof zij bijeen horen, alsof zij twee delen van één geheel zijn.
Dit noemt men een “tweelingziel“.

Soms lijkt het alsof zij in een spiegel kijken…

soms is het alsof zij elkaar woordeloos aanvoelen…

soms lijkt het alsof zij door een onzichtbare band verbonden zijn…

soms lijkt het alsof zij door eenzelfde energiebron gevoed worden…

soms voelt het aan alsof zij één zijn…

soms lijken ze te passen als een hand en een handschoen….

soms is het alsof zij net met dezelfde dingen bezig zijn of dezelfde interesses hebben op het zelfde moment.

Tezelfdertijd lijkt het alsof het de meest confronterende ontmoeting ooit in hun leven is.

De ontmoeting zélf kan héél heftig aanvoelen, alsof de ene tegen de andere aansmakt, of ze kan net eerder groeien naar eenheid.
Het kan aanvoelen alsof de ene hoog zit en de andere laag, en zij naar elkaar, naar een middelpunt toe, gezogen worden.
Sommigen spreken van “een blikseminslag”, “een meteorietinslag”, “een elektrische stroomstoot”…
anderen hebben het gevoel “thuis te komen”…
Soms is het als grote onrust…
Soms is de ene gewoon stomverbaasd dat er iemand blij is met hem of haar…
In elk geval is het een zodanige herkenning dat het lichamelijk aangevoeld wordt.
Hun leven kan eveneens totaal overhoop gegooid worden.

Essentieel hierbij is dat men verrast wordt door de herkenning van zichzelf in die andere, dat betekent dat deze soulmate dus de ultieme spiegel van een groot gedeelte van jezelf is.

Tussen de twins onderling is het aanvoelen dus niet persé gelijk. De ene kan het gevoel krijgen dat zijn wereld op zijn kop gezet wordt, terwijl de andere eerder onrust ervaart. Of ander mogelijkheden.
Soms is de herkenning duidelijk voor de ene en komt de andere er maar toe naar verloop van tijd. Het hangt er van af welk gedeelte jij gespiegeld ziet in de andere, en welk gedeelte de andere gespiegeld ziet in jou.

In een eerste fase kan die herkenning een gevoel van intense blijheid, van intense liefde, en ook een intens gevoel van vertrouwen wakker maken.
Maar, paradoxaal genoeg, roept het ook grote angsten op : angst voelen kloppen in de keel in de nabijheid van de ander, of slecht slapen en vaak wakker komen rond 4 uur ’s nachts als teken van angst.
Of heel onrustig worden.
Niet weten wat aanvangen met die heftige gevoelens…

Hun grootste angst is in feite dat ook deze tweelingziel uiteindelijk “zal zijn zoals alle anderen“. Ze wachten angstig af tot het bewijs zal geleverd zijn dat deze “grote liefde” eveneens niet te vertrouwen blijkt, dat deze hen niet zal aanvaarden zoals ze zijn.

Deze mensen worden als het ware teruggekatapulteerd naar hun oorspronkelijke kinderlijke angst van onveiligheid. Zij hadden toen nood aan de beschermende, veilige zorgfiguren nl. hun ouders, die hen met onvoorwaardelijke liefde moesten aantonen hoe waardevol hun unieke persoon wel is, maar waar het door omstandigheden mis liep.

En hier is ineens een persoon in wie zij zòveel herkennen dat zij plots een basisgevoel van veiligheid ondervinden waardoor zij zich er aan hechten en het hele hechtingsproces opnieuw doormaken.

Het enige verschil is dat zij het beiden doormaken tezelfdertijd en dus elk om beurt ahw de ouderlijke rol op zich nemen. Zij moeten dus bij elkaar de “foutjes” in het hechtingsproces herstellen, vandaar dat hun aanvoelen verschillend kan zijn volgens wat er verkeerd liep, of hoe hechtingspatroon in elkaar zit (zie hoofdstuk “Hechting” in de uiteenzetting “Hechting, het vinden van je ware zelf”), of hoe hun persoonlijkheid is.

Telkens angst opduikt over hunzelf zullen zij dit uitwerken op die tweelingziel. Deze kan hen tot rust brengen en hun angst verminderen, totdat zij uiteindelijk zelf hun angst leren reguleren zonder de andere nodig te hebben, zonder daarbij het gevoel te hebben dat hun persoonlijkheid afgewezen wordt, of dat zij deze moeten veranderen.
Veilig hechten betekent immers : groeien naar onafhankelijkheid.

Tweelingzielen hebben niet de behoefte elkaar te willen veranderen. Of beter gezegd : zij leren het. Zij leren aanvaarden dat je een ander niet kunt veranderen.
Het is een vorm van onvoorwaardelijke liefde. De andere laten zijn wie hij is en hoe hij is, hoe hij omgaat met frustraties en problemen.

De persoonlijkheid kan zich ontwikkelen in veiligheid van aanvaarding door de andere. Door het spiegelend effect leren zij terzelfdertijd zichzelf aanvaarden zoals ze zijn. Dit is een moeilijk proces, maar daarover gaat het in werkelijkheid. De ene lukt erin, de andere niet. Maar het is de verantwoordelijkheid van jezelf en niet van de ander. Het is leren jezelf gelukkig maken en niet een ander je laten gelukkig maken.

Het proces verloopt dus in verschillende fases.

Eerst afhankelijk zijn van elkaar , elkaar nodig hebben. Voelen hoe hun angsten in elkaar zitten. Bindingsangsten, verlatingsangsten…bang om gekwetst te worden, zoals altijd.

Eens de eerste fase van basisangst voorbij concluderen zij als het ware dat de andere te vertrouwen is en proberen zij hun eigen persoonlijkheid op te bouwen, als het ware open te vouwen.
Maar dan gaan de verlangens van de ene botsen met verlangens van de andere. Dan komen ook meer de verschillen tussen hen beiden op de voorgrond.
Opgestapelde frustraties komen naar boven en worden uitgewerkt op de tweelingziel.

Het verlangen komt op om deze persoon te laten “jouw leven goed maken”, die twin te laten reageren zoals jij zou willen, zoals jij zou nòdig hebben. Echter, een andere persoon kan niet verantwoordelijk zijn voor joùw geluk, alleen jijzélf bent verantwoordelijk en je moet jezélf gelukkig maken.
Je hebt de indruk dat je de twin nodig hebt, maar het is een poging om jezelf gewaardeerd te voelen door van de ander een bepaalde reactie te verwachten.

Ik heb gemerkt aan de zoekopdrachten dat velen hiermee worstelen. Men zoekt hoe men de twin die anders reageert dan verwacht “kan helpen” of men stelt zich de vraag “waarom” die op een bepaalde manier reageert , of waarom die zich terugtrekt…en dergelijke. Dit heeft totaal geen zin, een ander kun je niet veranderen, je kunt alleen jezelf worden, jezelf onder handen nemen.

Het heeft allemaal te maken wat deze mensen gewoon zijn : hun manier van afweren van frustraties, hun manieren van reageren op het “zijn” van een andere persoon…
Zij hebben dit vroeger verkeerd aangeleerd via de verkeerde signalen van hun hechtingsfiguren. Ze hebben een soort “tekort” opgelopen.
Ze voelden zich niet aanvaard, of niet gewenst, of hadden de indruk dat ze nooit het juiste deden en kregen zo een onveilig gevoel, een angst.
Hun persoonlijkheid geraakte daardoor niet volledig ontplooid en in plaats van coping met frustraties werden zij nog extra gefrustreerd doordat hun reacties, hun manier van afweer niet werd geaccepteerd. Daardoor werd afweer te véél versterkt.
Zij zitten gewrongen tussen te veel “doen zoals ze geleerd hebben”( ze hebben zich proberen aan te passen door te imiteren) en “zichzelf zijn”, dwz op hun eigen manier reageren, een manier die niet geaccepteerd werd en die zij proberen te veranderen.

Of zij raakten verstrikt in het spel van revanche om steeds opnieuw te proberen aanvaard te worden zoals ze zijn : zij vallen, zowel voor een liefdesrelatie of voor vriendschappen , op personen met kenmerken die hen herinneren aan hun ouders en ze proberen “het spel opnieuw te spelen” met de hoop dat het deze keer goed zal aflopen voor hen.
Het is een vorm van anderen willen veranderen.

Tweelingzielen leren dat je een ander niet kunt veranderen, alleen jezelf kun je “veranderen”, al is dat ook relatief : stelselmatig moeten die té extreme afweersystemen afgebroken worden of het verkeerd functioneren afgebouwd worden, en het zelfvertrouwen terug opgebouwd. Met andere woorden : zij leren zichzelf te aanvaarden zoals ze zijn, met ambetante kantjes, zoals iedereen er wel heeft .
Zij leren zichzelf kennen door het spiegelen in hun twin.

In die fase merken tweelingzielen vaak het voorkomen van paradoxale gevoelens, wat het onbegrijpelijker maakt : enerzijds heel dicht willen aanplakken en tezelfdertijd heel hard willen weglopen…
Zowel rust en onrust voelen in elkaars nabijheid.
Als het ware geen énkele ambetante trigger voelen en tezelfdertijd massaal getriggerd worden in de grootste angst.
Enerzijds zoveel gelijkenissen opmerken dat het is alsof je jezélf ziet, anderzijds opmerken dat de andere net andersom reageert dan je had verwacht, alsof je kijkt in een spiegel naar je identieke spiegelbeeld dat toch het omgekeerde is van jezelf.
Net willen dichter komen als de ander verder wil gaan staan.
Moeilijke zaken blijken makkelijk en vice versa.
Aan de ene kant als het ware alles begrijpen van de andere en tezelfdertijd niet begrijpen waarom sommige dingen moeilijk zijn.

Dit kenmerkt zich door een fase van heel erg aantrekken en heel erg afstoten.
Afhankelijk van waar het fout liep in het oorspronkelijke hechtingsproces reageren zij immers anders.
Is men bijv op een bepaald moment bang dat men zichzelf niet zal kunnen zijn, dat men “geen adem zal krijgen” door liefde (te verstikkende, sturende en aanklampende ouder) dan zal wegduwen de bovenhand nemen.
Is men daarentegen angstig dat men niet aanvaard wordt zoals men is ( te weinig aandacht van de ouder) dan zal aanklampen de voornaamste rol spelen.
Hier kunnen varianten zich afwisselen aangezien de twee ouders soms verschillend reageerden naar hun kind toe.

Aangezien de afzonderlijke systemen op elkaar inwerken, dat de ene twin dus angsten van de andere twin triggert, komen de tweelingzielen nogal eens in een momenten van te willen wegvluchten van deze angsten, dus ook van elkaar.
Dit is een lastige fase, en maakt het voor velen moeilijk om de tweelingzielrelatie in stand te houden.

Ineens kan het lijken alsof ook de twin jou dezelfde pijn van vroeger bezorgt , en wil je op dezelfde manier reageren als je altijd hebt gedaan.
Het lijkt in deze fase alsof je je twin niét meer herkent. Je ziet kanten van zijn of haar persoonlijkheid die je herinneren aan oude kwetsuren en je zou die persoon willen ànders doen reageren, dus veranderen…en dat gaat niet.

Ook voor de andere kom jij dan op dat moment anders over, en probeert die zichzelf staande te houden en zichzelf geaccepteerd te voelen, zoals hij of zij is.

Vaak zijn kanten van een twin die moeilijk of vervelend overkomen eveneens een spiegel voor kanten die we zélf hebben, maar die we niet wensen, die we hebben moeten verdringen omdat ze vroeger bestempeld werden als verfoeilijk.

Alhoewel zij vaak ook weer naar elkaar toe gezogen worden, is deze paniekerige fase zwaar. Duwen , trekken , het lijkt soms wel een worstelwedstrijd. Maar het gaat om leren aanvaarden.

De kunst bestaat erin je angst los te laten en te vertrouwen. Hoe dat precies moet gebeuren kan niemand je zeggen, het is je eigen proces.
Maar wat ook de toekomst brengt, het zal het beste zijn voor jòu. Die tweelingziel past immers zo perfect om jouw persoonlijkheid te ontwikkelen dat altijd het beste voor jouw persoon zal uit de bus komen.
Loslaten” betekent niet hetzelfde als elkaar mijden en proberen te vergeten, het betekent doordrongen geraken van het feit dat je angst ongegrond is, dat jij een waardevolle persoon bent, onafhankelijk van wat je uit de reacties van anderen (en dus ook je twin) meent op te maken.
Het betekent volledig vertrouwen dat het hier gaat om een pure vorm van liefde die gewoon niet kàn nefast zijn, dat het hier gaat om jouw persoonlijkheid te kunnen ontplooien in veiligheid en acceptatie en ook de andere zich laten ontplooien in veiligheid en acceptatie van jouwentwege. Het gaat immers om een liefde voor wat je van jezelf herkent in die andere persoon. Het gaat hem over jezelf graag zien, terwijl je eerst “geoefend” hebt door je twin graag te zien.

Het gaat hem dan ook niet over wat je wil of wie je wil zijn, maar over WAT JE BENT.

Zoals ook beschreven in “Hechting, hoofdstuk 12 tweelingzielen” moet je heel hard werken aan jezelf en voort vertrouwen hebben in jezelf, zelfs als je tweelingziel je indruk geeft je te willen wegduwen of, omgekeerd, je te veel wil aanklampen.
Leren vertrouwen op het proces en vooral leren vertrouwen op jezelf.
Leren de andere loslaten zonder jezelf te verliezen, dwz zonder weer de boodschap te ontvangen : jij bent niet waardevol, jij bent niet o.k., jij bent het niet waard bemind te worden.
Het is namelijk uiteindelijk van jezélf dat je deze boodschap moet ontvangen om een volwaardig individu te zijn en niét van een ander. De andere is maar een “helper”.

Dit nieuwe hechtingsproces wist op die manier een heleboel van de verkeerd gelopen hechting uit.
Het tweelingzielproces is een herbeleving van hechting . Daardoor leer je enerzijds van het ‘voorbeeld’ die de ander je geeft, en anderzijds leer je jouw eigen persoonlijkheid te ontwikkelen, die toch weer anders is dan die van die andere, van je tweelingziel.
Je eigen persoonlijkheid kan zich maar ontwikkelen door op een bepaald moment niet afhankelijk meer te zijn van elkaar, maar dan zonder die liefde “in elkaar” te verliezen.
Iedereen is immers een uniek, waardevol persoon en moet daar voor zichzelf van overtuigd zijn.
Een tweelingziel leert jou dat je je niet alleen op de wereld hoeft te voelen maar dat je wél een individu bent op zich, los van elk ander.
“Hechting” betekent uiteindelijk niet meer afhankelijk zijn, dus de andere kunnen loslaten zonder jezelf te verliezen, zonder jezelf waardeloos te voelen.

En gaandeweg leer je omgaan met frustraties, die constant door andere mensen veroorzaakt worden, zelfs door een soulmate, en waar je voorheen niet goed weg mee kon , waar je niet op een voor jou goede manier kon op reageren.
Door je twin wordt je geconfronteerd met hoe je in elkaar zit, waar je van houdt en wat je niét graag hebt, welke kantjes van jezelf je niet wou geweten hebben maar toch moet aanvaarden, welke angsten diep in jou leven, en hoe je ze kunt verminderen…

Het is een biezonder harde en beangstigende les in leren vertrouwen op een ander tot je merkt dat het gaat over vertrouwen krijgen in jezelf : ”Ik ben tòch de moeite waard!”
Het is jezelf leren waarderen. Het is uiteindelijk leren houden van jezelf.
Het is jezelf vergeven voor onvermijdelijke fouten en verlangens leren loslaten die eigenlijk gebaseerd zijn op jouw idee dat je tekortkomingen hebt. Dus onvoorwaardelijk houden van jezelf.

Het is een zwaar proces, omdat wat in het begin fout gelopen is, nog verzwaard werd door ervaringen door de jaren heen. Telkens leek het alsof je met je neus op “de feiten” werd gedrukt, dat je te kort schoot, dat je niet gewenst bent, dat niemand van je moet hebben,…

Het is lastig omdat ook je beide ouders als het ware in de twin vertegenwoordigd zijn, zodat je aan verschillende triggers wordt blootgesteld.
Het komt veel heftiger over omdat wat anderen bij stukjes en beetjes vinden bij verschillende mensen, het geloof in jezelf en de waardering van je persoonlijkheid, bij jou geconcentreerd is in één persoon.

Is het lastig om voldoende afstand te nemen, dan kunnen zielsverwanten, gelijkgestemden, jou helpen voor steun in deze fase . Meestal zal men ook in staat blijken om gemakkelijker zielsverwanten te vinden dan vroeger, aangezien een aantal dingen precies veel duidelijker zullen zijn door het feit dat jouw persoonlijkheid geleidelijk kan openbloeien en je dus een veel betere kijk hebt op jezelf en wat je nodig hebt. Je zult dus veel meer aanvoelen welke mensen bij je passen.

Uiteindelijk zal elke twin zichzelf kunnen zijn, want ondanks de indruk van gelijken op elkaar, zijn tweelingzielen twee individuen, twee verschillende persoonlijkheden.

Aangezien de term “tweelingziel” betekent dat je het hechtingsproces met je ouders herbeleefd, is dit een unicum. Je kunt dit maar één kéér meemaken, dus maar één “tweelingziel” tegenkomen.
Dit in tegenstelling tot de term “zielsverwanten”, waarvan je er meerdere kunt ontmoeten, zelfs mensen die maar tijdelijk in je leven aanwezig zijn.
Volgens mij kunnen verschillende mensen in aanmerking komen om je tweelingziel te zijn, maar enkel diegene die in je leven “verschijnt” op het juiste moment, wanneer je er als het ware klaar voor bent om het proces te doorlopen, diégene wordt je werkelijke twin.

Er is ook al eens sprake van nog andere “vormen” : “tweelingvlam” bijvoorbeeld. Ik bespreek die niet apart omdat mijn mening is dat zielsverwanten en tweelingzielen enkel termen zijn om iets aan te duiden. Uiteraard zullen er nog zeer veel verschillen zijn onderling in de contacten die mensen hebben. We zijn immers allemaal uniek.

Of tweelingzielen uiteindelijk een partnerrelatie aangaan is mijns inziens afhankelijk van hoe de oorspronkelijke hechting verkeerd liep. Dat bepaalt in welke vorm de tweelingzielrelatie uiteindelijk gegoten wordt.
Het blijft dan ook belangrijk te vertrouwen op het feit dat automatisch het beste voor jou je zal toevallen.
Net het feit dat er niks zéker is, verplicht jou om aan jezelf te werken. Anders kon je gewoon zitten afwachten, maar zo zit een tweelingzielrelatie niet in elkaar.

Een persoon ontmoeten waar iemand zich zo kan aan hechten lijkt bijna een uniek gebeuren maar toch komt het vrij vaak voor. Lees onderaan een aantal commentaren.
Misschien heb jij, lezer, het ook meegemaakt en wil jij nog een opmerking kwijt? Dat kan in het vakje helemaal onderaan.
Verder nog dit : Wat als jouw partner zijn/haar tweelingziel ontmoet ?

(Link naar hoofdstuk 12 Tweelingzielen klik hier)

 

hoe komt het dat we sommigen ervaren als zielsverwanten

VI

Komt men mensen tegen die niet zo veel van die triggers opwekken dan voelt men zich beter aanvaard als persoon, men voelt zich op zijn gemak en trekt graag met die mensen op.
Men is “aan die mensen gehecht”.
2583772937_b209546326

Waarschijnlijk gaat het om een onbewuste herkenning van mensen die min of meer hetzelfde hebben meegemaakt of min of meer dezelfde systemen aangeleerd hebben om frustratie te verminderen.
Zij gelijken daardoor een beetje op jou of kunnen op zijn minst veel begrip opbrengen voor jouw reactie. Zo krijgen ook jouw emoties de erkenning die ze nodig hebben.
Door die herkenning voelt het aan alsof jullie elkaar heel goed kennen, alsof er verwantschap is : een zielsverwant.

Het is dus heel belangrijk om op zoek te gaan naar dergelijke zielsverwanten omdat zij de nodige positieve appreciatie kunnen geven als tegengewicht voor negatieve overtuigingen die getriggerd worden door sommige anderen. Hun aanwezigheid zal jouw persoonlijkheid sterker en evenwichtiger maken zodat je frustraties beter kunt aanpakken en verwerken. Deze beperkte groep close vrienden worden ook jouw “sociaal vangnet” genoemd. Het is dus niet hetzelfde als een grote vriendenkring hebben.

De meeste mensen zullen onbewust zoeken naar dergelijke mensen die weinig triggeren. Normaal verloopt dit proces ongemerkt en zoek je als vanzelf “mensen die je liggen”.

Als individu is het aangenaam om je te omringen met mensen die niet veel “op jouw systeem werken”, maar hoe meer of hoe dieper de wonden, hoe minder er uiteraard in aanmerking komen.
Men voelt zich daardoor meer een buitenbeentje en krijgt het gevoel dat men als het ware op zoek is naar die éne speciale persoon, die zielsverwant.

Gaat het over een levenspartner, die wij toch allemaal nodig hebben om “er te zijn voor ons” op bepaalde momenten, dan is dit nog meer uitgesproken . Een partner vervangt immers in jouw leven als volwassene ahw jouw beide ouders, degenen op wie je als kind moest rekenen om te kunnen overleven en om te kunnen je persoonlijkheid ontwikkelen.
De partner kan echter ook niet de volledige vervanger zijn van een sociaal vangnet.

Ook een therapeut kunnen wij beschouwen als een soort tijdelijk optredende zielsverwant, wanneer het voor de betrokkenen allemaal eens te veel is geworden, en hij niet voldoende steun en tegengewicht vindt in zijn omgeving.
vervolg : VII Hoe zit dat dan met een tweelingziel ?

Hoe anderen angst kunnen triggeren

V

Iedereen loopt frustraties op in het leven, dingen die niet lopen zoals gehoopt of mensen die niet reageren zoals gehoopt.

Wanneer iemand regelmatig anderen als kwetsend ervaart is het vaak alsof steeds weer dezelfde littekens opengehaald worden .
Het zijn kleine opmerkingen of manieren van doen die bij ons binnenkomen als ware het dezelfde signalen die we van onze ouders meekregen. De opmerkingen van de anderen herinneren ons aan vroeger opgelopen verdriet of angst.
zeezicht R tekst
Deze signalen uit onze omgeving, die op ons overkomen als bevestiging van negatieve eigenschappen of van niet waardevol te zijn, noemen we triggers. Ze prikkelen weer dat onbehaaglijke gevoel dat we diep in ons onbewuste hebben weggestopt.
Al is het soms helemaal niet zo bedoeld, bij ons zal het aangenomen worden als de zoveelste bevestiging van een pijnlijk ‘feit’ : zie je wel , ik ben niet waardevol….Soms neemt dit zelfs in ons hoofd de vorm aan van een kritische stem : “jij bent een nietsnut, jij kunt nooit iets goed doen, ..”

Soms raken deze triggers rechtstreeks aan onze angst ongewenst te zijn en soms worden die gebeurtenissen als het ware telkens op eenzelfde grote hoop gegooid waardoor ze buiten proportie geraken.

Een veilig gehechte persoon heeft zijn persoonlijkheid evenwichtig opgebouwd en zal reageren op een reëel gevaar, een reële frustratie met een aangepaste hoeveelheid van de emoties en een aangepast afweersysteem, zodat hij vrij snel weer controle heeft over zichzelf en de gebeurtenis verwerkt heeft.
Onveilig gehechte mensen voelen zich door sommige gebeurtenissen of woorden van iemand getriggerd. Ze voelen zich buiten proportie aangevallen of buiten proportie angstig, geraken ahw in paniek en reageren op een voor anderen soms onbegrijpelijke wijze.

Onbegrip vanwege de omgeving werkt dan weerom een negatief gevoel over zichzelf in de hand en kan bijkomende angsten veroorzaken.

In enkele extreme gevallen wordt sommige afweer zelfs als heel onaangenaam ervaren door de omgeving waardoor de persoon in kwestie eerder zal gemeden worden. Dit zal deze echter weerom als een bevestiging van zijn “ongewenst zijn” ervaren…een cirkel zonder einde.

Ook emoties kunnen buiten proportie geraken : oeverloos verdriet of blijvend treuren, overdreven kwaadheid die leidt tot agressief gedrag, angst die paranoia of fobieën veroorzaakt,…

Door de band proberen we gewoon op een bepaalde manier met de triggers om te gaan, proberen we hun effect te verminderen. Dit is weerom ons systeem van zelfbehoud dat in werking treedt en tot verwerking probeert te komen. Aangezien er vele gradaties zijn, is de enige indicatie of men voldoende frustraties kan verwerken het feit dat men kan blijven functioneren in de maatschappij en zich gelukkig voelen.

Aangezien triggers ons een heel onaangenaam gevoel geven , zullen sommigen kiezen om weg te vluchten van de persoon die dit veroorzaakt, ze zullen die andere persoon mijden. Zijn er véél triggers , dan kunnen we zelfs anderen mijden in het algemeen (sociale fobie).

Soms hechten we ons net aan de verkeerde mensen, namelijk degenen die ons net véél triggeren, om ahw het tegendeel , zijn ongelijk , te bewijzen ofwel in de hoop dat die andere zal veranderen, en ons op die manier zal verlossen van het negatieve gevoel over onszelf (zie hoofdstuk 3 “het revancheprincipe”). Dit kan aanleiding geven tot burn-out. Je kunt immers de anderen niet veranderen.

Voor sommigen wordt een blijvende hechte relatie als veel te bedreigend ervaren, alsof er een zwaard van Damocles boven hun hoofd hangt. Zij ontwikkelen bindingsangst uit schrik voor de pijn die volgens het onbewuste onafwendbaar er aan komt. Ze zijn er van overtuigd dat uiteindelijk iedereen hen zal in de steek laten, waardoor ze liever zelf wegvluchten, vooraleer de partner die bewuste signalen geeft.
Verlatingsangst wordt dan net weer opgewekt bij degenen die zich vastklampen om het tegendeel te bewijzen.
Soms lijkt het dat beide voorkomen bij één persoon, of dat ogenschijnlijk tegengestelde mechanismen werken in één en dezelfde persoon. Dit kan verklaard worden door het feit dat men twee ouders heeft, en dus geleerd heeft van twee verschillende personen.

Mijns inziens focust men zich al te vaak enkel op de moederfiguur en wordt het effect van de vader vaak onderschat . Ook een vaderfiguur waar men zich niet door aanvaard voelt, of die verkeerde signalen geeft, laat zijn sporen na.
En omdat de voorbereiding tot het aangaan van een partnerrelatie in het volwassen leven, reeds gelegd wordt in de omgang met de ouder van het andere geslacht, heeft de vaderfiguur op dat vlak een groot impact op meisjes, net zoals de moeder op jongens.
vervolg : VI Hoe komt het dat we sommigen ervaren als zielsverwanten.

Hoe onze persoonlijkheid evolueert

IV

Onze persoonlijkheid is moeilijk helemaal concreet te beschrijven, maar is quasi onveranderbaar. Aan de basis ligt een vast gegeven : we zijn wie we zijn , we hebben onze aangeboren talenten en voorkeuren.
We kunnen niet veranderen, tenzij ‘groeien’ : iedere persoon kan geleidelijk aan zijn talenten verder ontwikkelen, beter worden, slimmer worden, liefdevoller worden, zichzelf maximaal ontplooien… maar onze basis, hoé we precies zijn, daaraan kan niets veranderen.
“Een appelboom kan wel groeien en een mooiere appelboom worden maar kan nooit een perenboom worden “( basiscursus AIHP )
images
Dit groeien van de persoonlijkheid kunnen we beschouwen als leren omgaan met het leven, met de problemen en frustraties die zich voordoen, alsook met de plezierige en vreugdevolle zaken. Het juiste evenwicht tussen die twee maakt dat leven de moeite waard is.
Maar sowieso komen minder goeie gebeurtenissen op ieder zijn pad : “shit happens”.

Nu heeft ons survivalsysteem wel enkele “tools” voorzien, enkele mogelijkheden waarmee wij negatieve gebeurtenissen kunnen overwinnen, ze kunnen verwerken.
In hoofdzaak zijn dat emoties. De menselijke emoties zijn in àlle bevolkingsgroepen ter wereld gelijk : angst, verdriet, kwaadheid, blijheid, verwondering, afschuw.
Gebeurt er iets nefast, dan moeten wij dat kunnen verwerken door een opeenvolging van emoties , men zegt de 4 basisemoties (blij, bang, boos, bedroefd), maar mijns inziens komen ook de andere erin voor, maar wordt daar meestal minder aandacht aan geschonken.
Dit verwerkingsproces is vergelijkbaar met een rouwproces en moet eindigen met blijheid, namelijk aanvaarding van wat gebeurd is gecombineerd met de blijheid te kunnen genieten van het leven.
Zowel grotere drama’s als kleinere frustraties moeten op deze manier verwerkt worden.
Uiteraard ondervinden wij de emoties minder uitgesproken of eerder opvallender navenant de grootte, de zwaarte, van hetgeen gebeurde.
Bovendien is het een automatisme , het overlevingsinstinct dat overneemt, zodat we ons er ook niet altijd echt bewust van zijn.
Het belangrijke is dat deze emoties telkens erkenning moeten krijgen vooraleer zij kunnen wegebben.

De basis van overleven ligt in het herkennen van gevaar. Angst is dus in feite de hoofdemotie die ons zou moeten waarschuwen voor gevaar en dus ons helpen te overleven door gepast te reageren op dat gevaar.
Waarschijnlijk omdat wij zo hulpeloos geboren worden, is onze angst vaak buiten proportie.

Indien wij ons geaccepteerd voelden door onze zorgfiguren, dan voelden wij ons “veilig” en kon angst wegebben.
Hebben wij niet geleerd via goede hechting met onze ouders dat bepaalde angsten niet gegrond zijn, dan kunnen wij deze niet voldoende reguleren en nemen daarom toevlucht tot een tweede reeks van mogelijkheden die wij kunnen toepassen om van té grote angst af te geraken : de afweersystemen (zie ook het hoofdstuk 5 afweersystemen)
Deze zouden allemaal tijdelijke toepassingen moeten zijn om angsten weer te normaliseren, maar blijken bij onveilig gehechte mensen niet toereikend genoeg, zodanig dat zij ahw blijven vastzitten in één of meer van dergelijke afweersystemen. Deze lijken dan ahw een deel van hun persoonlijkheid te gaan uitmaken .

Het is weliswaar zo dat de voorkeur voor het gebruik van bepaalde afweer enerzijds gekleurd wordt door hoe onze ouders met ons omgingen, hoe zij reageerden op onze angsten als kind, hoe zij die opvingen,en dus meer bepaald hoe wijzelf als kind reageerden op de systemen die onze ouders gebruikten.
Anderzijds zal ons door het voorbeeld van onze ouders ook vaak een bepaalde manier van reageren aangeleerd worden. Dit maakt dat men vaak “doet gelijk  zijn moeder of vader”.

Is de oorspronkelijke persoonlijkheid onveranderbaar, de manier waarop een persoon functioneert in de maatschappij is niét onveranderbaar. Hoe hij er in meedraait, hoe hij reageert op de frustraties van alle dag, dit is wél aanpasbaar.
Met name het slecht functioneren én het vastraken in gebruik van bepaalde afweersystemen kunnen aangepakt worden.
We kunnen dit beschouwen als uitschieters die weer kunnen wat gemilderd worden.
vervolg : V Hoe anderen angst kunnen triggeren.

Hoe een verkeerde hechting zich kan uiten

III

Een kind kan zich dus helemaal niet-aanvaard of niet-gewenst voelen, of de indruk hebben dat er niets goed aan hem is of dat hij niets goed kan doen.45c48ad3b9527aec5b07e7c1393d1e19
Deze diepgewortelde overtuigingen worden verdrongen naar het onbewuste, want het is immers té pijnlijk om je daar steeds bewust van te zijn.
Zo komt het dat de meesten dit van zichzelf niet weten, ze zijn er zich letterlijk niet van bewust…

Er kunnen zich echter wel indicaties vormen :
Eén daarvan is dat die persoon soms slecht begint te functioneren, wanneer die zogenaamde negatieve ‘bevestigingen’ zich namelijk op een bepaald moment te veel hebben voorgedaan, het wordt hem dan “té veel”.
Een ander indicatie kan zijn dat hij zich de hele tijd rusteloos voelt, een gevolg van het constant leven in een soort toestand van ‘verhoogde waakzaamheid’ : “wie zal mij nù aanvallen? Kijk maar goed uit je doppen, pas maar op voor iedereen” .
Nog een andere indicatie is het gevoel helemaal alleen op de wereld te zijn . “Niemand in de wereld begrijpt mij, niemand staat aan mijn kant, ik kan niémand vertrouwen… “I don’t belong here”… en aangezien de héle wereld tegen mij is, ben ik een buitenbeentje, iemand van wie niemand houdt”…
daaruit volgt dan vaak ook zelfhaat : jouw persoonlijkheid is immers uniek, en “iedereen verdient appreciatie en liefde…maar ik blijkbaar niet..wat moet ik toch een slecht persoon zijn”
Dit ligt aan de basis van depressie.
Sommigen proberen zo vaak goedkeuring te krijgen door hun uiterste best te doen dat zij op een bepaald ogenblik opgebrand geraken, burn-out krijgen.
Men kan het gevoel hebben de controle kwijt te zijn. Onderliggende angst doet sommigen wanhopig zoeken naar controle , wat zich dan soms uit op andere domeinen : overdreven controlefreaks, overdreven ordentelijk zijn, obsessies…

Vaak is het onderscheid tussen deze punten moeilijk te ontwaren, of lijkt het dat er verschillende tegelijk aanwezig zijn.
vervolg : IV Hoe onze persoonlijkheid evolueert

SOULMATES, DE ULTIEME SPIEGEL

I
INLEIDING : TWEELINGZIELEN EN ZIELSVERWANTEN
Ik merk aan reacties dat heel veel mensen op zoek zijn naar uitleg over dergelijke fenomenen. Daarom geef ik hier mijn eigen visie daarop in een aantal opeenvolgende delen, eveneens voortgaande op de tekst over tweelingzielen die ik ontving voor mijn eindwerk (“Hechting, het vinden van je ware zelf” hoofdstuk 12 soulmates).

Voel je vrij hier commentaar te geven helemaal onderaan ieder bericht.
naamloos

Heel veel mensen worden in hun leven geconfronteerd met de begrippen zoals soulmates, zielsverwanten, tweelingzielen…

Sommigen hebben de indruk dat ze constant op zoek zijn naar zo’n zielsverwant , anderen botsen als het ware op iemand die hun leven overhoop gooit op een manier dat ze nooit hadden kunnen denken en zoeken daar dan een verklaring voor.
Het zijn weliswaar niet objectief en wetenschappelijk duidelijke fenomenen, maar ze zijn desalnietemin heel erg ingrijpend en erg “aanwezig” op gevoelsvlak. Ze beklemtonen als het ware het rusteloze in ons.

Ik heb een eigen visie over deze soulmates , die het bestaan ervan verklaart maar die tezelfdertijd niet de uitleg kan geven voor elk individu, net omdat het zo persoonlijk is.
Volgens mij heeft het immers te maken met de psychologische ontwikkeling van een mens en komt het hier op neer :
In de psychologie kent men het begrip “hechting” ,onder meer besproken door John Bowlby, een proces dat zich afspeelt tussen ouders en kind.
Hechting is een bijzonder proces, het is een ander werkelijk laten voelen hoe waardevol hij is, zodat hij zijn persoonlijkheid volledig kan ontplooien.

Hechting is soms fout gelopen en moet dan opnieuw gebeuren via kleine hechtingsprocesjes. Het is voor “gekwetsten” soms een zoektocht naar mensen bij wie ze veilig zijn, zielsverwanten, zowel in relaties als in therapie.
Dit zijn mensen die jou kunnen bewijzen hoe waardevol jij bent.

Hechting lukt soms door een tweelingziel waarmee je een volledig hechtingsproces doorloopt.

Ik probeer alles duidelijk te maken in deze opeenvolgende teksten (aanklikken onderaan ieder bericht of in het menu op de zijkant) :

 

REAGEREN KAN ONDERAAN IEDERE TEKST 

 

A fish can't climb a tree _n
…and if you tell that fish that it’s his fault that it can’t climb a tree, it will feel guilty for the rest of its life…

Hoe wij mensen ervaren

II

Voortgaande op Freuds bevindingen die reeds in zeer veel psychologische stromingen ook nog eens bevestigd worden, kunnen we stellen dat onze eerste levensjaren het meest impact hebben op hoe wij de wereld, en meer bepaald mensen, gaan bekijken of hoe wij ze ondervinden.
Het blijkt namelijk dat ouders voor een kleine baby en peuter, ahw de hele maatschappij vertegenwoordigen. Voor een klein kind vormen zij het prototype van ‘de mens’.
Hoe zij met hun kind omgaan geeft aan deze nieuwe persoon in wording het idee dat alle mensen zo met hem/haar zullen omgaan .vindt jezelf
Normaal moet dat proces, met hechting gevolgd door afstand nemen, vlot verlopen en kan het kind daardoor in veiligheid en geborgenheid een eigen persoonlijkheid verder ontwikkelen.
Hij zal zijn eigen persoonlijkheid gewoon ervaren als evenwaardig aan anderen.

Heeft het kind echter op één of andere manier signalen opgevangen dat het “niet o.k.is”, niet waardevol, niet de moeite waard om geliefd te zijn,… of “ dingen doet die niet o.k.zijn”, dingen niet op de juiste manier aanpakt, geen waardevolle talenten heeft….dan gaat deze persoon het leven in met het idee dat hij “altijd” niet de moeite waard is om geliefd te zijn, en “nooit” dingen goed aanpakt.

Het feit dat een signaal verkeerd is, wordt door de ouders niet altijd opgemerkt, sommigen zijn overtuigd dat ze goed doen.
Anderen doen dan wel opzettelijk gemeen tegen een kind omdat ze met eigen verwrongen persoonlijkheden zitten.
Sommigen zetten stappen die een kind tekenen voor het leven, omdat ze zelf niet de kracht vinden om iets goed aan te pakken.
Vervangers van de ouders kunnen een goede invloed hebben, maar kunnen het eerste impact niet ongedaan maken.

De ene persoon kan zo veel meer te verduren gehad hebben en daardoor veel meer wonden en littekens hebben dan de andere, dus veel angstiger zijn, afhankelijk van hoe negatief zijn ouders omgingen met hem, ofwel van toevallige omstandigheden (zoals ongelukken, rampen..), ofwel of de ouders afwezig waren (overlijden, adoptie…)…
Soms zijn het zelfs niet echt opvallende feiten, maar gewone toevallige omstandigheden in het leven van de ouders die maken dat zij niet voldoende aandacht kunnen opbrengen voor hun kind, waardoor dit zichzelf ervaart als niet gewenst of verwaarloosbaar.
Hoe sterker dit ervaren wordt, hoe angstiger en meer op zichzelf aangewezen het kind zich voelt of hoe meer het hunkert naar een juiste bevestiging van zijn persoonlijkheid.

Een kind dat niet zo goed gehecht is blijft wanneer hij volwassen wordt dus altijd op zijn hoede voor de andere mensen , want hij verwacht van hen op één of andere keer de bevestiging van deze zaken waar hij diep in zijn binnenste van overtuigd geraakt is.Hij ervaart eveneens alle anderen als bedreigend, als personen die in staat zijn hem te kwetsen.
VERVOLG : III Hoe een verkeerde hechting zich kan uiten

 

publiciteit :